Imkeren op Molenakker

Mijn interesse in bijen en het gedrag van het bijenvolk waren voor mij de voornaamste reden om in 2014 een imkercursus te volgen.

Imkeren is een hobby waarbij je met beide benen in de natuur staat en niet alleen te maken hebt met het fascinerende leven van de honingbij maar ook met alles wat groeit en bloeit.

Het verschil tussen bijen en wespen

Bijen zijn sterk behaarde insecten en kunnen verdeeld worden in drie groepen: honingbijen, hommels en wilde bijen. De honingbij en de hommel leven in een volk of kolonie. De wilde bijen, in Nederland zo’n 350 verschillende soorten, leven alleen en worden ook wel solitaire bijen genoemd. Imkers hebben honingbijen in een bijenkast. Bijen leven van nectar en stuifmeel dat ze uit bloemen en planten halen.

Wespen zijn insecten met een smalle taille die alleen of in volken leven. Ze leven net als bijen van nectar en stuifmeel, maar ook van zoete dranken of etenswaren zoals limonade en jam.

Bijen komen je in principe niet lastig vallen tijdens de barbecue, wespen daarentegen pikken graag een graantje mee.

De laatste tijd zien we steeds vaker de hoornaar. Dit is een ‘super’ wesp die zo’n 3,5 centimeter lang kan worden en is daarmee ongeveer twee keer zo groot als de ‘gewone’ wesp.

Bestuiving

Zonder bijen gaat er een hoop natuur verloren en volgens berekeningen van Albert Einstein zou de mens nog maar vier jaar te leven hebben als de bijen uitsterven. Hier zit vast een kern van waarheid in: Bijen bestuiven 67 procent van alle planten. De bestuiving en vruchtvorming van veel landbouwgewassen gebeurt met de massale inzet van honingbijen.

Jaren geleden kenden de akkers en weilanden een zeer rijke biodiversiteit. In sommige gevallen kleurden de akkers blauw van de korenbloemen die het graan bijna verstikten. Heel af en toe kom je nog een akker tegen die opgevrolijkt wordt door het blauw van korenbloemen of het geel van boterbloemen. Door een veranderende akkerbouw en veeteelt zijn de akkers erg monotoom geworden. Door onder andere bemesting is het aantal wilde planten in weilanden sterk achteruitgegaan.

In tegestelling tot vroeger vormt het stedelijk gebied met alle bloeiende tuintjes vandaag de dag een belangrijk foerageergebied voor bijen.

Ook Molenakker heeft voor de bij een belangrijke functie. Honingbijen en de ‘wilde’ broertjes, de solitaire bijen en hommels zorgen voor de bestuiving van bloemen, struiken en bomen in het wijkpark, de tuinen en de bermen langs de Molenakkerdreef en het Smalbeekpad. Een goede bestuiving levert voldoende bessen en zaden op, die het voedsel zijn van onder andere vogels.

Het Bijenvolk

Na het afronden van de imkercursus heb ik van de gemeente toestemming gekregen om mijn bijenkasten in de achtertuin te plaatsen. De vliegopening zit aan de waterkant zodat de bijen over het water af- en aan vliegen. Momenteel heb ik hier twee volken staan en dat wil ik verhogen naar maximaal vier volken.

Een bijenvolk bestaat in de zomer uit een koningin en ongeveer 50.000 werkbijen, dit zijn de vrouwelijke bijen. Ook leven er in de zomer een paar honderd mannetjes bijen in het bijenvolk. Dit zijn de darren.

Een koningin is de spil van het volk en kan drie tot vijf jaar oud worden. In de zomer legt ze 1.500 tot 2.000 eitjes per dag. De koningin wordt één keer in haar leven door meerdere darren hoog in de lucht bevrucht en bewaart deze zaadcellen om haar verdere leven bevruchte eitjes te kunnen leggen.

Werkbijen ontstaan uit bevruchte eitjes. In de dracht periode zijn werkbijen de eerste 3 weken huisbij waarin ze huishoudelijk werk doen zoals cellen poetsen en larven voeden. De laatste drie weken zijn ze haalbij en verzamelen ze stuifmeel en nectar. In de zomer wordt een werkbij dus maar 6 weken oud. In de winter kunnen werkbijen 6 maanden oud worden en overleven zo de winter.

De enige taak van darren is om te paren met de koningin. Slechts een paar zijn daartoe in staat. Mocht het lukken dan sterven ze kort daarna. Darren komen uit een onbevrucht eitje en worden enkele maanden oud. Aan het begin van de herfst worden de darren door de werkbijen doodgestoken (de darrenslacht). Dit omdat ze alleen in de zomer nuttig zijn om een koningin te bevruchten en in de winter alleen maar extra mee eten.

Als de temperatuur circa 10 graden is vliegen de bijen uit om nectar, stuifmeel en water te halen. Dat doen ze tot een afstand van 3 tot 5 kilometer vanaf de kast.

De Imker

Bijen zijn heel intelligente dieren die zichzelf prima kunnen verzorgen en hoeven dus niet als andere dieren elke dag gevoerd te worden of van een schoon hok worden voorzien.

Imkeren is het begeleiden van het natuurlijke proces van het bijenvolk. De imker moet proberen zijn bijenvolk(en) in een optimale staat te hebben als er dracht is. De dracht is het aanbod van stuifmeel en nectar door bloemen, struiken en bomen. De drachtperiode voor bijen is van april tot eind juli. Verder bestaat imkeren uit het voorkomen van het natuurlijk zwermen of juist maken van een kunstzwerm op een moment dat het de imker uitkomt. Zwermen is de natuurlijke vorm van voortplanten van een bijenvolk. De oude koningin verlaat de kast met een deel van het volk, in het achtergebleven volk worden nieuwe koninginnen gekweekt. Indien de imker niet ingrijpt kunnen er nog een paar zwermen afvliegen en wordt het bijenvolk wel erg klein. Je kan het natuurlijke zwermen voor zijn door de koningin met een groot aantal bijen in een andere kast te plaatsen. De bijen zonder koningin gaan dan nieuwe koninginnen maken. Dit heet een kunstzwerm.

Het door de haalbijen binnengebrachte stuifmeel dient als eiwitbron voor de larven. De nectar wordt afgegeven aan de werkbijen die het opslaan in de raten. Om de houdbaarheid te verlengen worden er door de bijen enzymen en goede bacteriën aan de nectar toegevoegt. Door verdamping wordt de nectar ingedikt en omgezet tot honing. Als de honing voldoende is ingedikt worden de raten door de bijen verzegeld met wasdeksels. Dit is het wintervoer van de bijen.

Dit jaar heb ik in juni en in augustus een deel van de honingraten weggepakt en geslingerd. “Slingeren” is honing met een soort centrifuge uit de ramen halen. De bijen krijgen hier suikerwater voor terug. In juni heb ik 12 kilo lentehoning geslingerd en in augustus 17 kilo zomerhoning. Op de honingkeuring hebben zowoel de lente als zomerhoning een 9,6 als cijfer gekregen en daarmee het certificaat uitstekend.

Bijenprodukten

Na de imkercursus heb ik nog de cursus specialist bijenproducten gevolgd. Bijen produceren nog veel meer dan alleen honing. Zo is er bijenwas waar kaarsen van gemaakt worden maar ook lippenbalsem.

Veel van de bijenproducten hebben ook een heilzame werking en worden steeds vaker in de geneeskunde toegepast.

Propolis bijvoorbeeld wordt door de bijen aangemaakt en ingezet om kieren en gaten in het onderkomen dicht te ‘kitten’. Propolis is een sterk natuurlijk antibioticum en werkt onder andere goed bij brand en schaaf wonden.

Bijengif werkt positief op spieren, pezen en gewrichten en kan klachten bij MS en reuma verminderen.

Omdat honing kleine hoeveelheden stuifmeel (pollen) bevat kan het hooikoortsklachten verminderen. Door ruim voor het hooikoortsseizoen dagelijks een theelepeltje honing te pakken, bijvoorbeeld in je thee, wen je aan de pollen. Kies bij voorkeur voor lokale honing. Dan weet je zeker dat de bijen ook in aanraking zijn geweest met de boom of plant waarvoor je allergisch bent.

 

Zolang de voorraad strekt is honing beschikbaar. Een potje van 450 gram kost €4,50

Voor meer informatie: Marcel Scheerman, Standaardmolen 20

 

 

 

Wilde bijen tuin in de Molenakker

Het zal niemand ontgaan zijn, het gaat slecht met de insecten en met name met de wilde bijen in Nederland en omringende landen. Veel soorten gaan in aantal achteruit of verdwijnen zelfs helemaal terwijl het de belangrijkste bestuivers zijn van wilde planten en (fruit)bomen. De enorme diversiteit aan soorten, de ecologie en het feit dat ze een belangrijke taak hebben als bestuiver maken wilde bijen een boeiend onderwerp om te bestuderen.

De makkelijkste manier om wilde bijen te bestuderen is om ze naar je tuin te lokken zodat je ze gedurende het voorjaar en de zomer goed kunt volgen. Rond 2011 ben ik onze tuin gaan inrichten om deze zo aantrekkelijk mogelijk te maken voor wilde bijen.

Veel soorten wilde bijen verzamelen stuifmeel op een of enkele soorten planten. Dus om veel soorten wilde bijen naar je tuin te lokken is het noodzakelijk dat er veel verschillende soorten wilde planten aanwezig zijn. Ieder jaar zaai of koop ik een aantal nieuwe soorten planten om weer nieuwe soorten bijen aan te kunnen trekken. Hierbij zorg ik dat het zaad of de planten gifvrij zijn. De planten in onze tuin waar veel wilde bijen op af komen zijn o.a. Beemdkroon, Slangenkruid, Rapunzel- en Kluwenklokje, Kruisdistel, Akkerdistel, Wilde bertram, Wilde reseda, Knoopkruid, Zandblauwtje, Gevlekt longkruid, Kattenkruid, enz. Tevens heb ik een aantal vroegbloeiende planten en bomen in de tuin staan zoals Blauwe druifjes, Krokussen en een Wilg zodat soorten welke in Maart of April reeds vliegen (o.a. enkele Metselbijen, Hommels en Zandbijen) ook voldoende voedsel kunnen verzamelen.

Langs de oever van de gracht waar onze tuin aan grenst staan oeverplanten zoals Watermunt, Wolfspoot, Kattenstaart en Moerasandoorn waar ook diverse soorten wilde bijen op afkomen. Het gazon wordt nooit bemest en liefst niet te vaak gemaaid. Met name bloeiende paardenbloemen, boterbloemen en witte klaver zijn belangrijke bijenplanten en worden tijdens het maaien zoveel mogelijk gespaard.

Naast voedsel kun je wilde bijen ook naar je tuin lokken door ze nestgelegenheid aan te bieden. Er hangen in onze tuin inmiddels diverse bijenhotels op zonnige plekken. De nestblokken welke ik zelfgebouwd heb geven een veel beter resultaat dan de bijenhotels welke gekocht zijn. Vooral in de verschillende tuincentra worden hotels aangeboden welke niet tot nauwelijks geschikt zijn voor wilde bijen om in te nestelen. Ik heb tevens een schuine leemwand gemaakt waar vooral groefbijen in nestelen en waar o.a. metselbijen leem verzamelen om hun nesten mee dicht te metselen.

De laatste 10 jaar heb ik 63 soorten wilde bijen in onze tuin waargenomen waarvan nu bijna 100 m2 meter bij-vriendelijk is ingericht. Ook een aantal zeldzame soorten hebben onze tuin bezocht, sommige van deze zeldzame soorten komen jaarlijks terug zoals de Andoornbij en de Geelgerande tubebij. De Gewone kegelbij, de Zwarbronzen houtmetselbij, Roodsprietwespbij, Klimopbij, Kleine tuinmaskerbij, Breedbandgroefbij en de Vroege bloedbij zijn nog een aantal voorbeelden van zeldzame soorten die onze tuin reeds bezocht hebben. Persoonlijk vind ik de Grote wolbij een erg fraaie soort waarvan de mannetjes hun territorium fel verdedigen. Ze jagen hierbij ook op veel grotere hommels door er aan te gaan hangen zodat ze vallen en ze vervolgens aan te vallen en ze zo weg te jagen wat altijd een fraai schouwspel is om naar te kijken.

In juli van dit jaar was er een vrouwtje van de Gele tubebij in onze tuin aanwezig. De Gele tubebij is vele tientallen jaren niet in Nederland waargenomen terwijl dit tot 1955 wel nog regelmatig werd aangetroffen. In 2013 dook deze fraaie bij plotseling weer op in de Strabrechtse heide. De laatste jaren zijn er gelukkig weer wat meer waarnemingen en lijkt de soort vooral in het zuidoosten van Noord-Brabant en Midden-Limburg langzaam in aantal toe te nemen. Des te leuker is het als je deze soort ook al in je tuin vindt en dus ook in de Molenakker rondvliegt.

Niet ver van onze tuin is een vrij grote populatie aanwezig van de zeer zeldzame Groene zandbij welke op Gewone ereprijs vliegt. Dit kleine bijtje was tot vorig jaar alleen in Zuid-Limburg en in het noorden van Limburg langs de Maas waargenomen. In de Molenakker staat veel Gewone ereprijs wat ervoor gezorgd heeft dat de soort nu ook hier voorkomt. Inmiddels staat de Gewone ereprijs ook in onze tuin en hoop ik de Groene zandbij binnen enkele jaren ook in onze tuin te mogen begroeten.

Arno van Stipdonk, Standaardmolen